Uitgebreide uitleg definitieve vaststelling

De maandelijkse Bbz-uitkering levensonderhoud voor ondernemers is aan u verstrekt in de vorm van een renteloze lening. Na afloop van het boekjaar waarin deze bijstand is ontvangen wordt de uitkering “definitief vastgesteld”. Als de door u ontvangen leenbijstand geheel of gedeeltelijk wordt omgezet in “bijstand om niet”, dan hoeft u dat deel niet terug te betalen.
Leenbijstand die niet “om niet” wordt verstrekt moet u in beginsel per direct terugbetalen. Kunt u dat niet dan kunt u BZF om een afbetalingsregeling verzoeken. Mogelijk kunt u de teveel ontvangen uitkering (leenbijstand) in een periode van maximaal 36 maand terugbetalen.

Leenbijstand

Nadat de bedrijfsboekhouding van het afgelopen jaar is afgesloten, is de netto winst van uw onderneming bekend. Het netto bedrijfsresultaat is uw bruto inkomen. Bij de Belastingdienst moet u over dat afgesloten boekjaar aangifte doen voor Inkomstenbelasting. Als u in dat boekjaar een aanvullende uitkering levensonderhoud van ons heeft gehad, dan zijn die periodieke uitkeringen voor dat boekjaar geen inkomsten. Het was immers toen een lening.

Het jaar volgend op het boekjaar stellen wij definitief vast of de uitkering terecht is geweest. Is dit zo, dan wordt (een deel van) de lening door ons kwijtgescholden (bijstand “om niet”).

Bijstand “om niet” telt niet als inkomen

De Bbz-uitkering die is omgezet in bijstand ‘om niet’, telt met ingang van 2017 niet meer mee bij het toetsingsinkomen voor toeslagen en bij andere inkomensafhankelijke regelingen. Deze wijziging is geregeld in de Uitvoeringsregeling Loonbelasting (TRLB). U ontvangt geen jaaropgave van het bedrag ‘om niet’. U hoeft het ‘om niet bedrag’ ook niet op te geven in de aangifte inkomstenbelasting.

U kunt aan bovenstaande informatie geen rechten ontlenen.

Geplaatst in Definitieve vaststelling.