Bedrijfsbeëindiging en uw lening bij BZF

U bent hier:

Als u uw bedrijf/zelfstandig ondernemerschap gaat beëindigen, dan is het van belang dat u Bureau Zelfstandigen Fryslân hier tijdig over informeert. Als u nog een uitkering ontvangt dan zal deze beëindigd moeten worden. Indien van toepassing zal de IOAZ uitkering opgestart moeten worden.

Daarnaast kan het zijn dat u nog een bedrijfskrediet hebt uitstaan welke u terug dient te betalen. Op het moment dat u uw bedrijf beëindigt gelden er nieuwe aflossingsvoorwaarden.

Zo zult u bericht krijgen van de afdeling Debiteurenbeheer van BZF. Allereerst zullen eventuele zekerheden gekoppeld aan het verstrekken van een lening worden uitgewonnen. Vervolgens wordt het krediet teruggevorderd. Na onderzoek naar de verwijtbaarheid van de bedrijfsbeëindiging kan het (resterende) bedrag renteloos worden gesteld. U zult gedurende 5 jaar na de beëindiging van uw bedrijf/zelfstandig beroep het verzoek krijgen uw inkomstenpositie door te geven. Aan de hand daarvan wordt uw aflossingscapaciteit bepaalt. Deze wordt vastgesteld op 50% van uw gezinsinkomen boven de bijstandsnorm. Na 5 jaar aflossen kan het restant van de vordering mogelijk worden kwijtgescholden. Voorwaarde is dat u wel 5 jaar lang aan alle verplichtingen hebt voldaan.

Bij het gezinsinkomen worden ook de inkomsten van de partner meegerekend bij het berekenen van de aflossingscapaciteit. Ook als deze partner niet betrokken is geweest bij de oorspronkelijke aanvraag. Bijvoorbeeld bij het aangaan van een nieuwe relatie. De vorm van de partnerschap, samenwoning, partnerschap, huwelijk in gemeenschap van goederen of op huwelijkse voorwaarden heeft hier geen invloed op.

Wordt tijdens het onderzoek naar de verwijtbaarheid van de bedrijfbeëindiging geoordeeld dat er sprake is van verwijtbaar gedrag dan zal het krediet niet renteloos worden gesteld en gelden er andere terugvorderingsmaatregelen waarbij beslag tot de mogelijkheden behoort.

Geplaatst in Administratieve afhandeling, Bedrijfskrediet.